Uit: Psy, jaargang 3
30 januari 1999


Mario Rizzi

Wegwerpcamera's
Een foto van een muur


Michaja Langelaan

De Italiaanse fotograaf Maria Rizzi werkte samen met forensische patiënten aan een fotoproject. Ze fotografeerden hun interesses en verlangens en ontdekten een andere, nieuwe taal om te communiceren met de buitenwereld. Op 10 februari 1999 wordt de expositie met hun werk geopend en verschijnt het fotoboek They tell me I am sick, but I function good.

De tijdelijke residentie van de Italiaanse fotograaf Mario Rizzi ligt op een heuveltje achter de centrale keuken en vlakbij de gebouwen van de creatieve therapie. Het paviljoen dat vroeger zo toepasselijk Het Heuveltje genoemd werd, heet nu Het Vijfde Seizoen. Ook geen gekke naam, want de bestemming die het heeft gekregen valt een beetje buiten de normale seizoenen van het psychiatrisch ziekenhuis. De Willem Arntsz Hoeve in Den Dolder, onderdeel van de H.C. Rümke Groep, heeft het leeggekomen paviljoen stijlvol opgeknapt en stelt het telkens voor enkele maanden ter beschikking aan een kunstenaar.

Het idee voor deze parachutering van kunstenaars in het inrichtingsbos is afkomstig van de Mondriaanstichting, die samen met de Willem Arntsz Hoeve zocht naar een goede besteding van het geldbedrag dat bij nieuwbouw voor kunst gereserveerd wordt. Het is niet de bedoeling om kunstenaars op te bergen in de bossen, maar om patiënten die in de bossen zitten kennis te laten maken met de wereld van kunst, exposities en alle andere besognes die dit initiatief met zich mee moet brengen.

Mario Rizzi arriveerde half september 1998 in Het Vijfde Seizoen. Eind januari 1999 is hij teruggegaan naar Rome. In de afgelopen maanden heeft Rizzi een nauwe band opgebouwd met de bewoners van de forensische afdeling Roosenburg, met wie hij zijn fotografie-project uitvoerde. Dat hij alleen Engels spreekt is nauwelijks een probleem, veel patiënten hebben een buitenlandse achtergrond. De fotograaf is dagelijks in Roosenburg te vinden, met een eigen sleutel loopt hij in en uit. Hij eet met de patiënten, gaat mee naar muziektherapie, wandelt uren met ze door de bossen en soms nodigt hij iemand bij hem thuis uit voor een kop thee of een wereldreis via Internet. Ongeveer negentig procent van de bewoners van Roosenburg heeft in het verleden een tbs-veroordeling opgelopen, maar voor Rizzi maakt dat niet uit. Hij ziet ze als mens en neemt ze serieus. 'Ik ben geen dokter, geen verpleegkundige, geen creatief therapeut. Ik ben een soort katalysator, iemand die dingen laat gebeuren.' Alle patiënten van Roosenburg die mee wilden doen aan het fotoproject - en dat was de overgrote meerderheid - kregen van Rizzi een wegwerpcamera, waarmee ze geheel naar eigen inzicht aan de slag konden gaan. 'Er was absoluut geen opdracht', zegt Rizzi, 'alleen kijken en drukken'. Hij besprak de foto's met de patiënten en gaf wat technische uitleg, bijvoorbeeld over tegenlicht. Het merendeel van de deelnemers wilde vervolgens een tweede wegwerpcamera. 'Aan de resultaten was te zien dat ze goed hadden geluisterd naar mijn adviezen. Sommige patiënten waren zo enthousiast dat zij om nieuwe camera's kwamen vragen en doorgingen met fotograferen.' Totaal heeft Rizzi zo'n 200 cameraatjes uitgedeeld. 'Patiënten werden even fotograaf', schrijft Frans de Laat, psychotherapeut van afdeling Roosenburg in zijn bijdrage aan het fotoboek. 'Het product, de foto, plaatst de kijker en de maker in dezelfde wereld.' En dat maakt het project bijzonder, vindt De Laat. 'Want', zo legt hij uit, 'veel van onze bewoners leven een opgesloten leven, ze zijn opgesloten op een gesloten afdeling, hun leven zit op slot.'

Medicijnenstudie
De eerste keer dat Rizzi met de psychiatrie in aanraking kwam was tijdens zijn medicijnenstudie, die hij wel afmaakte maar nooit praktizeerde. Zijn tweede ervaring deed hij op in Buenos Aires waar hij een paar jaar geleden een expositie had. Hij kwam toen in contact met een groep psychiatrische patiënten die ondanks het traditionele gestichtsregime een eigen radiozender hadden opgericht. Deze zender was zeer populair bij de plaatselijke bevolking. Rizzi raakte gefascineerd door deze mensen en fotografeerden hen. 'Voordien was ik gewoon nieuwsgierig, maar daar ging de psychiatrie me echt interesseren', zegt hij nu. Toen hij de foto's van de Argentijnse patiënten aan anderen liet zien, schrok hij echter van de reacties. 'Mensen leken alleen te kijken of iemand er inderdaad gek uitzag, of dat het juist wel meeviel. Een man zonder tanden - wat zegt dat nou helemaal? - werd zo het prototype van een patiënt. Ik merkte dat ik met mijn foto's de vooroordelen over psychiatrische patiënten bevestigde. Tijdens mijn verblijf hier op de Hoeve heb ik de kans gekregen om ze echt te leren kennen en mijn kennis op het gebied van fotograferen met ze te delen.'

Aanvankelijk was het Rizzi's plan om de meest karakteristieke foto's groot af te drukken. Een expositie in Het Vijfde Seizoen zou het fotoproject bekronen. Maar al werkende ontdekte de fotograaf dat veel bewoners van Roosenburg een bepaald thema in hun foto's tot uitdrukking brachten. Zo fotografeerde een patiënt die niet zonder begeleiding naar buiten mag, twintig keer een muur. Een ander heeft het licht tot onderwerp gekozen, en neemt foto's van de tl-buis, terwijl een derde de afdelingskip met de camera vastgelegd heeft. 'Er zitten hele mooie foto's bij van terloopse dingen die veel over het dagelijks leven van deze patiënten vertellen', zegt Rizzi. Maar de grote ontdekking was dat de foto's thematisch gerangschikt konden worden. 'Door drie à vijf foto's met eenzelfde thema of een zelfde sfeer met elkaar te verbinden tot één geheel, krijg je een versterkt beeld waarin een verhaal besloten ligt.'

Fotoboek
Het fotoboek They tell me I am sick, but I function good wordt in een oplage van duizend exemplaren gedrukt en in samenwerking met de Mondriaanstichting uitgegeven. 'Het is een geweldig succes voor de patiënten dat ook mensen buiten het psychiatrisch ziekenhuis dit boek met hun foto's, dus over hun leven, in handen kunnen krijgen', zegt Rizzi. De titel is ontleend aan een uitspraak van één van de bewoners van Roosenburg.' In het boek staan, vanwege de privacy geen herkenbare personages op de foto's. Die zijn gereserveerd voor de expositie die in Het Vijfde Seizoen wordt gehouden.


'Het is niet alleen een kunstproject, maar ook een nieuwe manier voor patiënten om hun wensen en interesses te uiten en te communiceren met de buitenwereld' zegt Rizzi. 'Ik merk dat stille, wat teruggetrokken patiënten graag fotograferen. Het is een andere taal om je uiten, met beelden ben je vrijer. ' Mario Rizzi had van te voren niet verwacht dat het fotoproject zo veel indrukwekkende beelden zou opleveren. 'Het geeft me veel terug. Ik heb hier geleerd te luisteren en stil te zijn. De verhalen van de patiënten komen dan vanzelf.'

Voor Rizzi die alles rennend lijkt te doen en met een waterval van woorden zijn verhaal uitstort, is die rust van het luisteren een bijzondere ervaring. 'Ik voel me hier erg op m'n gemak. ik heb een goede band met de patiënten opgebouwd en kan goed opschieten met de verpleegkundigen en dokters van Roosenburg.'

Zijn eigen camera heeft hij de afgelopen maanden diep weggeborgen. De patiënten fotograferen hun eigen werkelijkheid.
Daar wilde hij niet tussen komen.




terug